event, lezing, screening

Not Just a Landscape

Neal Beggs / Xavier Martin / Jean-Marc Huitorel / Duncan McClaren / The Great Ecstasy of Woodcarver Steiner / Eureka

ZA 25.10 2008 — 14:00

Werner Herzog, still uit The Great Ecstasy of Woodcarver Steiner
In Signs of life there are long shots of the incredible landscapes of Crete. It gives you time to really climb deep inside the landscapes, and for them to climb into you. It shows that these are not just literal landscapes you are looking at, but landscapes of the mind too. (Werner Herzog, 2005)

Not Just a Landscape is het eerste uit een nieuwe reeks events met de ambitie achtergrondinformatie over de tentoonstellingen te brengen. Het programma volgt invalshoeken die eerder intuïtief dan encyclopedisch zijn: samengevat gaat het over een geïntensifieerde ervaring van het landschap, die zowel bij Xavier Martin als bij Neal Beggs aan de grondslag van een beeldend oeuvre ligt.

De lezingenreeks is niet zozeer gewijd aan de rijke traditie van het landschap (met o.m. Hercules Seghers, William Turner en de taoïstische landschapsschilderkunst als relevante referenties), maar concentreert zich op een aantal uiteenlopende eigentijdse interpretaties ervan. Uithouding en isolement zijn de sleutelwoorden. Het landschap wordt benaderd als een terrein om mentale en fysieke grenzen te overstijgen en als een plek waar het status-quo en de vervreemding van het dagelijkse leven doorbroken wordt. ‘Hoge’ en ‘lage’ cultuur vloeien in het programma naadloos in elkaar over: in samenwerking met de kunstenaars is een programma samengesteld waarin filiaties aangeduid worden die zich uitstrekken tot buiten het veld van de beeldende kunst.

Artist talks
Neal Beggs Real Time One videostill
Neal Beggs en Xavier Martin concentreren zich niet zozeer op de letterlijke weergave van natuurelementen, maar op de affectieve en metafysische resonantie ervan. De verdwijnende horizon, de aantrekkingskracht van de leegte, het gevecht met de zwaartekracht: beide kunstenaars wagen zich op een terrein dat in het teken staat van existentiële gravitas. Die gravitas wordt doorkruist door een opmerkelijk individuele visie, die niet louter kunsthistorisch van inspiratie is, maar wel fundamenteel beeldend. Bij Neal Beggs geldt de praktijk van het rotsklimmen – de fysieke dialoog met het landschap – als richtinggevende metafoor; bij Xavier Martin lijkt het vooral te gaan over wat zich aan de andere kant van het landschap bevindt: over de diffuse echo van een minder tastbare werkelijkheid. De fysieke dialoog tussen licht en verf is hiervoor een aanknopingspunt.

Lezingen
Xavier Martin_Paysage II_
Curator en criticus Jean-Marc Huitorel (°1953, Rennes) spreekt over het werk van Neal Beggs. Hij is een toonaangevende Franse kunstcriticus, curator en docent. In 2005 schreef hij La Beauté du Geste, een publicatie over de raakvlakken tussen sport en hedendaagse kunst (Editions du Regard). Sinds 2000 stelde hij groepstentoonstellingen samen in Vassivière (La beauté du Geste. L’art, le sport, et caetera), in het domein Chamarande (Sportive-ment Vôtre, 2004) en in het kasteel van Tanlay (Mimetic, 2007). Hij is de auteur van mono-grafische artikels over o.m. Neal Beggs, Rita McBride, Gilles Mahé en Pascal Rivet en hij werkt op regelmatige basis mee aan het tijdschrift ArtPress.
(Voertaal van de lezing: Frans)

Schrijver Duncan McClaren (°1957, Blairgowrie) schreef een aantal artikels over zijn ont-moetingen met Neal Beggs. Hij is de auteur van Personal Delivery, een boek waarin hij be-schouwingen over heden-daagse kunst vermengt met fictie en met autobiografische ele-menten. Hij schreef ook artikels voor The Independant on Sunday, en voor kunstmagazines als Contemporary, Art Review en MAP. Zijn bijdragen over kunstenaars vormden de aanzet voor The Casebook of Non-Sherlock Holmes, een veelzijdig project waarvan Per Hüttner een eerste publicatie is. Zijn boek Looking for Enid: the mysterious and inventive life of Enid Blyton werd in 2007 gepubliceerd door Portobello Books. Momenteel legt hij de laatste hand aan Evelyn Revisited, een biografie over Evelyn Waugh, de auteur van Brideshead Revisited.
(Voertaal van de lezing: Engels)

Screenings
The Great Ecstasy of Woodcarver Steiner, Werner Herzog, 1974, 45’
In deze relatief korte documentaire schetst Werner Herzog – in de rol van de onvoorwaardelijke, maar des te scherpzinnige bewonderaar – een portret van de legendarische schansspringer Walter Steiner. Steiner, zoals de meeste schansspringers, beantwoordt niet meteen aan het vertrouwde beeld van de topsporter: hij is mager, wat bleekjes om de neus, en lijkt meer tragiek dan kracht uit te stralen. Maar het is een individu met een zeldzame gedrevenheid: dankzij Herzogs stoutmoedige montagestijl groeien zijn halsbrekende, grensverleggende sprongen uit tot een quasi mythologisch gegeven.

Herzog: It is rarely muscular athletic men up there on the ramps; always it is young kids with deadly pale pimply complexions and an unsteady look in their eyes. They dream they can fly and want to step into this ecstacy which pushes against the laws of nature. [...] Skijumping is not just an athletic pursuit, it is something very spiritual too, a question of how to master the fear of death and isolation. It is a sport that is at least partly suicidal, and full of utter solitude. When jumpers start down that track nothing can stop them. It is as if they are flying into the deepest, darkest abyss there is. These are men who step outside all that we are as human beings, and overcoming this mortal fear, the deep anxiety these men go through, this is what is so striking about skijumpers. [...] The Great Ecstasy of Woodcarver Steiner is definitely one of my most important films.
P.CRONIN, Herzog on Herzog, Faber and Faber, 2002, p. 95.

Eureka
Eureka, Shinji Aoyama, 2000, 211’
Eureka is een film in sepiatinten. Shinji Aoyama vertelt het verhaal van drie overlevenden van een buskaping: de chauffeur en een meisje met haar jongere broer. Een onberekenbare, psychotische killer maakt de andere passagiers een voor een af, tot hij voor hun ogen door de politie neergekogeld wordt. Hun leven raakt volledig dooreengeschud door de traumatische gebeurtenis: ze zonderen zich meer en meer af en uiteindelijk vormen ze samen een ongewoon driemanschap – onder het vijandige, wantrouwende oog van hun omgeving.

De film speelt zich af op Kyushu, een eiland in het uiterste zuidwesten van de Japanse archipel, waar de gemeenschap immuun lijkt voor de hoogtechnologische hectiek van Aziatische grootsteden. Het landelijke ritme vertaalt zich in de ongecompliceerde maar doeltreffende filmstijl, waarmee Aoyama inzoomt op alle details van de ontwikkelingen na de kaping. Gaandeweg raakt de toeschouwer volledig vertrouwd met het dagelijkse leven van de protagonisten, om van dichtbij mee te maken hoe ze langzaam ontwaken uit een kluwen van onmacht en weerloosheid.