individuele tentoonstelling

Karel Breugelmans

Constucties XIV - XV - XVI

ZA 12.01 — ZA 16.02 2008

Breugelheim

Uit massieve blokken cederhout puurt Karel Breugelmans (Geel, 1955) vormen die duidelijk verwijzen naar de vroeg-modernistische hoogbouw uit de eerste helft van de twintigste eeuw. De 'torens' - volledig met spiegels bekleed - lijken een bepaalde constructivistische kerngedachte te evoceren. Ze vertakken zich volgens eenvoudige modulaire verhoudingen, als een vorm van intuïtief architecturaal denken dat zich niet vertaalt in maquettes maar in monumentale sculpturale volumes. De volumes verwijzen niet naar een specifiek gebouw maar naar een soort abstract vooridee van een toekomstig groot gebouw.

Wie zijn werk (...) bekijkt, heeft het gevoel te kijken naar een futurostad - een blauwdruk van de stad van de toekomst. En toch is deze reeks (Luk Lambrecht verwijst hier naar de werken die in 2002 getoond werden in de Mechelse galerie Transit) veel meer dan een geometrisch uitgevoerd hoogstandje. Het pseudo-wetenschappelijke aura van deze architecturale mobiles verbergt een grote mate aan poëtische zeggingskracht - de rechtlijnigheid van de structuren wordt ontkracht door de speelse, haast kinderlijke manier waarop deze sculpturen zijn geconstrueerd. En de onmenselijke leegte die (...) wordt geïnsinueerd, brengt als het ware een reflectie op gang over de toenemende vervreemding in het leven. De (dure) architectuur van vandaag slaagt er niet meer in om de res publica - als was het maar een beetje - vorm te geven en te doen herleven. De wereld van beton en staal is de (professionele) wereld van de kunstenaar Karel Breugelmans en met een uiterst fijnzinnig gevoel voor orde en harmonie weet hij (...) een beklemmend gevoel op te wekken. (Luk Lambrecht in De Morgen, 17/05/02)