tekst

Marionette (nl)

Alice Evermore Netwerk Gallerij Handleiding 00-01

Op 7 februari 1922 stierf Elise Bleyaert op zevenjarige leeftijd aan tuberculose. Ze had met haar ouders en vijf broers en zussen in een kleine industriële wijk in de omgeving van Aalst gewoond. Elise was de jongste van zes kinderen en het derde sterfgeval in de familie. Zij kreeg een eenvoudige begrafenis en vond haar laatste rustplaats op een kerkhof niet ver van de Grote Markt.
In de herfst van het jaar 2000, zevenenzeventig en een half jaar later, zwierf Andy rond op het Vlaamse platteland. Hij zwierf langs het groenbruine Pajottenland en terwijl hij te midden van een grote koeienweide rustte, ademde hij de heldere, vochtige lucht in.
Zowat 200 meter zuidwaarts werd de horizon door een grote zwerm raven zwart gekleurd en vijftig meter oostwaarts doorkruiste een aarden pad de rand van het veld. Vanuit die richting hoorde Andy het geluid van een zingende meisjesstem. Omdat hij wilde weten wie daar zong, liep hij in het grijze licht van de namiddag door het naar mest ruikende veld.
Op het kleine pad aangekomen, merkte Andy verbaasd dat het kleine meisje dat hij had horen zingen in werkelijkheid een geest was, net zoals hijzelf. Het was de geest van Elise Bleyaert, nog steeds gekleed in haar witte begrafenisjurk met beige katoenen sokken en kleine zwartlederen laarzen. Haar lippen en haar vingernagels hadden een blauwgrijzige kleur en haar huid was bleek, maar het licht in haar ogen gaf blijk van een uitzonderlijke levendigheid.
Andy daalde neer op de zompige bodem en liep voorzichtig in de richting van het kleine meisje; hij wilde niet dat zijn doorzichtige groene gedaante haar angst zou aanjagen.
'Hallo,' lachte hij. 'Mijn naam is Andy. Ik hoorde je zingen van op het veld… hoe heet jij?'
Het kleine meisje verstarde, keek Andy enkele seconden aan en antwoordde: 'ik heet Lisa Bleyaert.'
'Dag Lisa,' antwoordde Andy vriendelijk. En terwijl hij haar ouderwetse kleren bestudeerde, vroeg hij: 'Waar kom je vandaan, Lisa?'
'Ik kom van Aalst,' antwoordde zij verlegen, nog steeds beduusd door Andy's bovennatuurlijke verschijning.
'Aalst? Dat is hier niet ver vandaan… ben je ernaar op weg?'
'Ja.'
'Mag ik met je meegaan?'
'Waarom niet,' zei Lisa, haar schouders ophalend. Ik ga er naar een hele mooie pop kijken… ik had ze graag aan mijn oma getoond, maar ik kan haar nergens vinden.'
'Je oma? Kom je haar nog dikwijls tegen?'
Lisa fronste en terwijl zij om zich heen keek, antwoordde ze: 'Eh… eigenlijk kan ik haar nooit meer vinden… sinds ik veranderd ben, bedoel ik.'
'Dat is jammer,' zuchtte Andy. 'Hoe lang ben je al veranderd?'
'Dat weet ik niet goed, nogal lang… ik kan met niemand praten. Soms hoor ik stemmen, maar dan kan ik niemand zien.'
'Dan zal je wel eenzaam zijn, ' knikte Andy droevig. Het was niet de eerste keer dat hij een zwervende geest tegenkwam en hij wist hoe eenzaam de ontzielde gesteldheid kon zijn, vooral voor een gestorven kind.
'Maar, je zei iets over een pop. Waar kunnen we haar vinden? Ik zou haar graag eens zien. Misschien kan zij je vriendinnetje worden.'
'Zij woont in de stad. Ze is echt heel mooi! Kom, ik zal je haar tonen!'
Op deze woorden zweefden Elise en Andy langs verschillende boerderijen door het rustige landschap, totdat zij in Aalst aankwamen. Onzichtbaar voor de voetgangers van vandaag, baanden zij zich een weg door de straten om ten slotte aan te komen in de Ridderstraat nummer 28. Tot Andy's verbazing had Elise hem niet naar een speelgoedwinkel gebracht, maar naar een galerij, die de naam Netwerk droeg.
Zij kwamen door de deur te voorschijn en betraden een verduisterde kamer waar een video op de muur geprojecteerd werd. Het was een werk van de kunstenares Esther Bruggink, getiteld Vasilisa.
Een uit papier geknipte pop vloog heen en weer, terwijl de stem van de soundtrack allerlei zinnen herhaalde:
'Come, I'll show you the way
I was only dancing
She said she'd make my wish come true
I don't know what to wish'
De donkerrode lippen en bijna sinistere ogen van de pop deden Andy twijfelen of hij haar mooi, dan wel gemeen vond. Terwijl hij zich naar Elise omdraaide, vroeg hij: 'Is dit de pop die je me wilde tonen?'
'Nee, dit is geen echte pop, ze is van papier. De pop die ik bedoel, is méér dan een tekening.'
'En wat vind je van deze pop?'
'Ze is lief, maar ik ben bang dat zij zal scheuren als ik met haar speel. Papieren poppen zijn altijd een beetje fragiel.'
'Waarschijnlijk wel,' zei Andy terwijl hij keek hoe de video de duizelingwekkende vlucht van de papieren fee toonde. Hij herkende een soort kinderlijke naïviteit in de video, maar tegelijkertijd voelde hij dat dit specifieke kleine papieren feetje niet helemaal te vertrouwen was. De stem die kennelijk over of tegen de papieren pop sprak, leek gevangen in de verwachtingen die zij ten opzichte van deze kleine entiteit koesterde. Andy kreeg de indruk dat de pop, mogelijk een metaforische uitbreiding van de spreker, een soort introspectie of besluitloosheid uitdrukte. Hij bespeurde een onderliggende teleurstelling in de stem en moest denken aan de gevoelens van een kind wanneer het ontdekt dat Sinterklaas niet bestaat.
Elise trok aan Andy's arm en maakte hem duidelijk dat zij naar boven moesten gaan om de pop te zien waarover zij gesproken had.
'Kom Andy, we moeten naar boven gaan…'
De twee geesten vlogen naar boven, waar het vervolg van de tentoonstelling te zien was. Voordat Andy Elises pop kon zien, botste hij op een televisiemonitor waarop een menselijke pop geprojecteerd werd. Het was de kunstenares zelf, naakt en volledig bedekt met witte verf. Wederom waren de lippen van deze 'pop', wier haar met twee rode koordjes in twee staarten was gebonden, felrood gekleurd. De video, getiteld 'Invitation to dance' en in slowmotion afgespeeld, toonde hoe Bruggink naar een paar te grote rode paraffinelakschoenen toekroop, terwijl een ouderwetse muziekdoos een melodie eindeloos herhaalde. Het volwassen, naakte lichaam en de kinderlijke muziek creëerden een nieuwe tegenstelling: onschuld en verleiding. Nadat zij in de te grote schoenen gestapt was, zwalpte de kunstenares rond op de muziek van een draaiorgel en, alvorens te vertrekken, keek zij de toeschouwer een paar keer recht in de ogen. Andy voelde hoe het spel van dualiteiten zich afwikkelde en voor de tweede keer in één van Brugginks werken was hij getuige van een subtiel spel van perversiteit en eenvoud: de vrouw gevangen in het kind en het kind gevangen in de vrouw.
Geduldig volgde Elise Andy naar de volgende kamer waar een driedimensionaal papieren portret van Rapunsel aan de muur was opgehangen. Het minutieus vervaardigde hoofd was aan witte touwen en papier vastgenaaid en twee lange zwarte snoeren raakten net de grond. Het gezicht drukte rust en beheersing uit.
'Is dat meisje droevig?', vroeg Elise.
'Dat weet ik niet,' antwoordde Andy. 'Ik denk dat dit Rapunsel is, het meisje van het sprookje. Ken je haar?'
'Wie?'
'Rapunsel.'
'Die naam heb ik nog nooit gehoord,' zei Elise met gefronste wenkbrauwen.
'Wel, toen een stoute heks haar in een hele hoge toren opsloot, werd Rapunsel een zeer droevig meisje. Zij kon alleen bevrijd worden als een prins haar op de lippen zou kussen, maar aangezien er geen deuren waren en de toren te steil was om erop te klimmen, liet Rapunsel de haren groeien zodat de prins ze als een touw kon gebruiken. Van zodra haar haren lang genoeg waren, kon hij langs de toren naar boven klimmen en haar de bevrijdende kus geven.'
Elise keek naar het gezicht van de papieren pop. Het gaf een fiere edelheid en tegelijkertijd ook een beetje verdriet weer. Zij probeerde Rapunsel te vragen of ze verdrietig was, maar er kwam geen antwoord; zij zag slechts lange zwarte snoeren, die wachtten op de prins en haar kus. Andy en Elise zweefden uit de kamer met een gevoel dat dit Rapunsel achter haar halfgesloten ogen een geheime melancholie verborg. Misschien had ze haar prachtige haar naar beneden gelaten, maar wist ze dat er nooit een prins zou komen om haar te bevrijden.
Toen zij de volgende kamer binnenkwamen, zag Andy eindelijk de pop die Elise beschreven had. Ze lag op haar rug, in het midden van een houten vloer en het licht van een diaprojector scheen op haar lichaam.
Elise glimlachte en wees naar de pop.
'Dit is nu de pop waarover ik je sprak.'
Andy keek naar de pop en dan naar het kleine spookje naast hem. Toen liep een man door de kamer en liep dwars door Elises transparante vorm heen.
'Dit is inderdaad een mooie pop,' gaf Andy toe.
'Ik wil de pop meenemen en weer in slaap vallen,' zei Elise.
'Slaap je soms?', vroeg Andy, zich afvragend hoeveel Elise van haar ontzielde toestand begreep.
'Natuurlijk slaap ik… soms slaap ik zelfs heel lang en dan word ik weer wakker,' zei ze met een klein stemmetje.
'En hoe is jouw slaap dan… droom je soms?'
'Ja,' zei ze weifelend, 'maar soms vind ik slapen helemaal niet leuk.'
'En waarom niet?'
'Omdat ik soms bang ben.'
'Waarom ben je dan bang?'
'Ik weet het niet… bang om alleen te zijn… bang omdat ik mijn mama en papa nergens kan vinden.'
'Ik begrijp het,' knikte Andy. 'En je wil deze pop meenemen opdat je niet meer bang zou zijn.'
'Ja.'
Andy hing boven de pop. Hij zag dat zij antiek was, misschien even oud als Elise. De projectie verlichtte haar lichaam met een vluchtig gelig aura, en projecteerde Brugginks gezicht op dat van de pop. Hierdoor kreeg het poppengezicht een opgejaagde, lijkachtige uitdrukking. De gelijkenis tussen de poltergeist Elise en het spookachtige uiterlijk van de pop kon geen toeval meer zijn.
'Ik heb een idee,' begon Andy. 'Als je nu eens binnen in deze pop zou leven. Dan zouden jullie één kunnen worden. Jullie zouden elkaar gezelschap kunnen houden en je zou niet meer bang hoeven te zijn.'
Elise dacht even na. De idee om in het lichaam van de pop te kruipen was nog nooit in haar opgekomen. Ze dacht even na over Andy's voorstel en vroeg dan:
'Wat zal er met mij gebeuren als ik in de pop zit?'
'Jullie worden vast boezemvriendinnen. Ik wed dat zij veel heeft meegemaakt en je kan haar ook vertellen over jouw avonturen.'
'Is het donker in de pop?'
'Misschien, soms…'
'Denk je echt dat ik niet meer bang zal zijn?'
'Dat hangt van je angst af. Ben je bang omdat je niet meer bent zoals vroeger?'
'Ja, vroeger had ik ook een lichaam, net zoals de pop, maar dat is heel, heel lang geleden.'
'Mis je je lichaam soms?'
'Ja, ik mis mijn gewicht en ik mis de warmte.'
'De pop heeft ook een soort lichaam, maar het is leeg… Jij zou haar compleet kunnen maken. Je zou als de projectie op het plafond kunnen zijn. Je zou haar kunnen opvullen met uitdrukkingen en licht.'
Elise knielde boven de pop en legde haar oor naast het gezicht. Andy dacht dat hij de pop iets tegen Elise hoorde zeggen, maar hij was er niet zeker van.
'Ik zou zo gelukkig zijn als ik een plekje voor mijzelf zou vinden,' zei ze terwijl ze de borst van het kleine figuurtje streelde.
'Ga maar,' moedigde Andy haar aan. 'Ik denk dat de binnenkant van haar lichaam de perfecte plek is voor een klein meisje zonder thuis…'
Elise desintegreerde langzaam in het kleine gevulde lichaam van de pop. Het voelde zacht en warm aan in het katoen, de wol en de plastieken anatomie. Maar nog voordat ze volledig verdwenen was, sprak Elise plots met een totaal andere stem; het was niet langer de stem van een kind, maar die van een vrouw.
'Als ik over een paar jaar wakker word en ontdek dat de pop in het bed van een echt meisje ligt, zal ik over het kussen naar buiten kruipen en zal ik dingen in het oor van dat meisje fluisteren.'
'Wat voor dingen zal je dan fluisteren?', vroeg Andy, een beetje geschrokken van de verandering in haar stem.
'Sappige dingen… dingen die iets te maken hebben met haar tanden en benen en vingers…'
'Wie ben jij?', vroeg Andy.
Elise Bleyaert antwoordde niet. Alleen de pop was er nog, zij lag op de grond en weerspiegelde een combinatie van gezichten en identiteiten.

Einde.